Sinds de lancering van ChatGPT 3.5 eind 2023 is generatieve AI razendsnel ingeburgerd. Volgens de AI-monitor 2024 van het CBS gebruikt 23% van de Nederlandse bedrijven met tien of meer werknemers minstens één AI-technologie. In grote bedrijven (>500 werknemers) ligt dit percentage zelfs op bijna 60%. Volgens de Work Trend Index 2024 van Microsoft en LinkedIn gebruikt 67% van de Nederlandse kenniswerkers generatieve AI in hun werk, vaak via eigen tools die niet door de organisatie zijn aangeboden.
Fundamentele verschuiving
De opkomst van AI luidt niet alleen een technologische doorbraak in, maar zet ook een fundamentele verschuiving in gang in hoe we werken en welke rol wij daarbinnen vervullen. Het gaat niet langer alleen om wie het werk doet, maar vooral hoe het werk wordt gedaan en met wie. Een opvallende ontwikkeling daarin is de opkomst van de “AI-collega”: een digitale assistent die routinetaken uit handen neemt. De koplopers in AI-gebruik in Nederland zijn de ICT-sector en de zakelijke dienstverlening (Emerce, 24 maart 2025). Maar liefst 58% van de ICT-bedrijven past AI toe, vooral voor softwareontwikkeling, data-analyse en cybersecurity.
In de zakelijke dienstverlening, waaronder juridische en financiële consultancy, gebruikt 40% van de bedrijven AI voor taken zoals risicobeoordeling, documentanalyse en klantinteractie. Ook de financiële sector loopt voorop: 37% van de instellingen zet AI in voor onder meer fraudedetectie en algoritmische handel. De snelle groei in deze sectoren komt door de directe winst in efficiëntie, nauwkeurigheid en besluitvorming. Zo ontstaat er meer ruimte voor medewerkers om zich te richten op creativiteit, samenwerking en strategisch denken. AI vervangt ons niet, maar ondersteunt ons als een stille, slimme collega op de achtergrond.
De uitdaging zit in de implementatie
De technologie is indrukwekkend, maar de échte uitdaging ligt in de toepassing. Niet elk probleem vraagt om een AI-oplossing en lang niet elke toepassing voegt waarde toe. Het draait om slimme keuzes: waar draagt AI werkelijk bij aan snelheid, kwaliteit of innovatie? Daarbij moeten organisaties leren omgaan met een nieuwe balans tussen mens en machine en dat is niet zonder risico’s, zoals nieuwe technologie in het verleden ook schaduwkanten kende. De eerste machines die handenarbeid vervingen in fabrieken waren ronduit gevaarlijk om mee te werken.
De risico’s van AI zitten eerder in de sfeer van misinformatie en denkfouten. Een bekend voorbeeld zijn ‘hallucinaties’: AI-systemen die feitelijke onjuistheden presenteren alsof het waarheden zijn. In sectoren als zorg, rechtspraak of journalistiek kan dat ernstige gevolgen hebben. Menselijke controle blijft dus cruciaal. AI is krachtig, maar niet onfeilbaar. Werknemers zullen daarom nieuwe vaardigheden nodig hebben, zoals samenwerken met AI, kritisch denken en het kunnen beoordelen van AI-uitvoer.
Organisaties bevinden zich in een bijzonder complexe fase: waar, wanneer en hoe organiseren we werk? ”
De veranderende rol van FM
Dankzij digitale assistenten is werk minder gebonden aan tijd en plaats. Taken kunnen vaker asynchroon worden uitgevoerd. Precies daar komt facility management in beeld. Naarmate medewerkers vaker samenwerken met AI — deels op kantoor, deels elders — verschuift de rol van FM van uitvoerder naar regisseur van een slimme, adaptieve werkomgeving. Een omgeving waarin mens en technologie elkaar productief én slim aanvullen. AI zelf heeft als software geen werkplek nodig en functioneert onafhankelijk van schoonmaak, catering of comfort. Maar voor mensen geldt het tegenovergestelde. Waar een huidige kantoorbezetting van gemiddeld 30 tot 40 procent al tot ‘kantoorschaamte’ leidt, zal dit fenomeen in een toekomst met vergaande AI-adoptie zonder ingrijpen alleen maar toenemen.
En terwijl organisaties nog volop experimenteren met AI, vraagt het huisvestingsbeleid nú al om een toekomstgerichte visie. Hoe ziet het werk eruit over vijf tot tien jaar? Voeg de opkomst van virtuele werkomgevingen — naast de fysieke en digitale — daar nog eens aan toe. Dan wordt het duidelijk dat organisaties zich bevinden in een bijzonder complexe fase: waar, wanneer en hoe organiseren we werk? Precies hier krijgt FM zijn strategische regierol: het integreren van fysieke, digitale én virtuele componenten in één samenhangend ecosysteem waarin mens en technologie naadloos samenwerken.
Tegelijkertijd ontwikkelt technologie zich razendsnel, terwijl huisvestingsprojecten vaak jaren duren van plan tot realisatie. Daardoor ontstaat een groeiende kloof tussen wat gebouwen bieden en wat gebruikers daadwerkelijk nodig hebben. De vastgoedsector denkt nog te vaak in traditionele functieprofielen, terwijl de arbeidsmarkt al volop in beweging is richting nieuwe rollen en werkvormen. Facility management moet in dat speelveld continu schakelen, vooruitdenken en bijsturen. Ik durf zelfs te stellen dat veel werkplekconcepten die nu worden opgeleverd voor hybride werken, over vijf jaar al gedateerd zullen zijn. De opdracht is helder: organiseer maximale flexibiliteit voor een toekomst die zich steeds opnieuw uitvindt.
De opdracht is helder: organiseer maximale flexibiliteit voor een toekomst die zich steeds opnieuw uitvindt”
Vooruitblik
De toekomst van werk is niet puur kunstmatig, maar augmented — een samenspel van menselijke creativiteit en technologische rekenkracht. AI stelt ons in staat meer te doen, sneller te leren en werk anders te organiseren. Bedrijven die deze transformatie bewust omarmen, worden niet alleen efficiënter, maar ook relevanter voor mens én maatschappij. In die hybride werkelijkheid, waar mensen en digitale assistenten een productieve co-existentie hebben, wordt facility management de regisseur van een slimme, adaptieve en mensgerichte werkomgeving - een werkecosysteem dat zich dynamisch beweegt over de grenzen van tijd, plaats en organisatie heen.
Herman Kok is docent aan de Wageningen Universiteit en schrijft op regelmatige basis blogs voor Facto







